Huismussen; Het Huismus biotoop op 26jul2012

09:00 uur

weersOmstandigheden:
temp min: 18 graden C (in de afgelopen 24 uur)
temp max: 29 graden C (in de afgelopen 24 uur)
luchtdruk: 763 cm Hg. (“veranderlijk” => ”mooi weer”)
humiditeit: 78 %
wind: geen wind.

Het is nu 21 graden Celsius. De zomer is gisteren eindelijk in (Europees) Nederland ook begonnen.

– – –

Overdag geen huismussen meer ?
Vanaf verschillende plaatsen wordt momenteel gemeld dat er overdag veel minder of helemaal geen huismussen meer zijn. Dat klopt met wat er in de literatuur over te vinden is. De juvenielen zouden in deze zomer maanden plaatsen op moeten zoeken waar het goed foerageren is. Dat zijn vaak andere plekken dat waar ze uitgevlogen zijn.

Uit ringonderzoek blijkt dan al een hele tijd dat de jonge Huismussen niet verder dan ongeveer 2 tot 3 mijl ( 5 km) rond de oorspronkelijke nestplaatsen blijven.
Kanttekening daarbij is dat gevolgtrekkingen uit ringonderzoek vaak op slechts 1% aan terug-meldingen gebaseerd worden. Waar de andere 99% van de geringde jonge vogels blijven is dus niet bekend.

Bovenstaande betekent dat van de geringde kleine vogels maar 1% terug wordt gevonden. Van die ene procent wordt dan gezegd dat die grotendeels binnen een straal van 5 km rond het nest van de ouders blijven.
Misschien toch wel wat erg weinig om conclusies aan te verbinden, denk ik dan.

Er is 1 onderzoek dat een hoger percentage dan 1% terug-meldingen heeft gekregen, en dat is het onderzoek van Preiser. Preiser kwam bij zijn ringonderzoek tot ongeveer 17% terug-meldingen waarop hij zijn conclusies kon baseren. Daar werden na het ringen de huismussen vergiftigd namelijk.
En laat Preiser nu ook juist degene zijn die, in dat zelfde onderzoek, heeft laten zien dat een jonge huismus zelfs 545 km ver kan gaan om een betere plek te vinden.

Aan de conclusies die op basis van de 17% terugmeldingen getrokken zijn valt misschien ook nog wel af te dingen. Want hoe ver kom je nu helemaal wanneer je gif gegeten hebt.
Misschien eens een (literatuur-)onderzoek aan wagen.

Waar blijven de huismussen dus ??
Als je ze ziet, meldt het bij ons.
Ring of geen ring.
Gewoon in de e-mail aan zetDeHuismusOpDeKaart@stichtingWitteMus.nl
Vergeet niet er bij te zetten
welke dag,
welk tijdstip en
welke plaats !! Het adres dus of de postcode + huisnummer.

Op 19 augustus doen we weer een ronde met zoveel mogelijk mensen tegelijk.
Je kunt je aanmelden voor zetDeHuismusOpDeKaart .
Lees => hier <= meer.

No comment »

Huismussen; Het Huismus biotoop op 13apr2012; Zet de Huismus op de kaart !

Update van inventarisatie van huismussen
“Zet de huismus op de kaart !”

We zijn in twee weken tijd al aan de 60 deelnemers.
Dat is al 10% van het aantal deelnemers dat het project “Meetnet Urbane Soorten” kent, dat al het 6e jaar in gaat ! Dat gaat onverwacht hard dus ! En dat is heel goed. Voor de huismussen en hun nesten, hun slaapplaatsen, hun schuilplaatsen, de locaties waar ze foerageren, en zo verder. Want als die bekend zijn, dan kunnen ze ook beschermd worden.

Natuurlijk zijn er vragen naar aanleiding van de opzet van de inventarisatie “Zet de huismus op de kaart” geweest. Vragen die gesteld zijn volgen hier onder.

= = = = =

1. Er is toch al een project M.U.S. van de SOVON,
waarom dan nog een “Zet de huismus op de kaart !” van Stichting Witte Mus ?

Antwoord:
In het kort.
“Meetnet Urbane Soorten” is een open onderzoek naar aantalsontwikkelingen van stadsvogels, met als doel het verkrijgen van een beeld van dit aantalsverloop. De resultaten ervan kunnen op verschillende manieren gebruikt worden.

Stichting Witte Mus gaat er van uit dat een notering van de Huismus op de Rode Lijst van beschermde Vogels het ultieme signaal is om aandacht voor de problemen van deze diersoort te vragen. Vanaf dat moment dient er zo gericht mogelijk gehandeld te worden om de soort te beschermen. Wetgeving, gedragscodes, soortenstandaard, mitigerende maatregelen; alles is al aanwezig. Er lijkt alleen nog een gat te zitten in de gegevens over verblijfplaatsen van huismussen.
Nest- en verblijfplaatsen zijn bij de wet wel beschermd, maar in praktijk blijken er nog regelmatig verblijfplaatsen van huismussen over het hoofd te worden gezien bij werkzaamheden, waardoor er nog altijd delen van biotopen voor huismussen verloren gaan, zonder enige compensatie.

“Zet de huismus op de kaart” is daarom een middel om de verblijfplaatsen van de huismus, dus ook de nesten en slaapplaatsen, te beschermen. En daarmee ook de huismus zelf.

Aanmelden voor “Zet de Huismus op de kaart !
Aanmelden voor “Meetnet Urbane Soorten”.

De gedetailleerde uitleg:
Het project MUS van de SOVON heeft wel een naam die doet vermoeden dat de huismus er de hoofdrol in heeft, maar MUS staat voor “Meetnet Urbane Soorten” en omvat 60 tot 120 soorten vogels, waaronder de huismus.
“Zet de huismus op de kaart” betreft uitsluitend de huismus.

2e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” werkt met telpunten waarbij de tellers niet de eigenaren van de terreinen zijn.
“Zet de huismus” op de kaart vraagt de eigenaren op het eigen erf te kijken, de plek waar juist de huismussen meestal hun verblijfplaatsen hebben.

3e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” telt de vogels en beoordeelt achteraf het biotoop, indien gewenst. Dat gebeurd aan de hand van digitale foto’s vanuit de ruimte. Deze zijn soms jaren oud, en beplanting is vaak niet herkenbaar. Voor “Meetnet Urbane Soorten” is dat geen probleem; het gaat om de aantallen vogels, niet om verblijfplaatsen.
“Zet de huismus op de kaart” inventariseert de verblijfplaatsen. Mettertijd is de bedoeling om tevens de kwaliteit ervan aan de hand van actuele beschrijvingen en foto’s van de deelnemers zelf te beoordelen.
Een verblijfplaats is een onderdeel van het biotoop. Een tuin of balkon kan 1 of meerdere verblijfplaatsen voor huismussen omvatten.
Het gaat bij “Zet de huismus op de kaart !” in hoofdzaak om de verblijfplaatsen. Omdat het de verblijfplaatsen zijn die beschermd moeten worden wil de huismus een kans hebben.

4e verschil
Het doel van “Meetnet Urbane Soorten” is het om een beeld te krijgen van de aantalsverlopen van de diverse soorten.
Het doel van “Zet de huismus op de kaart” is het om de verblijfplaatsen van de huismus te beschermen. Dit zijn de plaatsen die huismussen nodig hebben om te kunnen overleven. (Nesten, schuilplaatsen, veilige slaapplaatsen, etc.)
Die bescherming realiseren we door de huismus-verblijfplaatsen geregistreerd te krijgen zodat ze bij werkzaamheden niet meer per ongeluk vernietigd kunnen worden. De gegevens worden namelijk opgeslagen in de NDFF, waar werkvoorbereiders hun informatie vandaan krijgen wanneer zijn willen weten of de plek waar gewerkt moet worden, vrij is van verblijfplaatsen of niet. Als het niet zo is, en ze weten het op tijd, dan kunnen ze er hun maatregelen voor nemen.

En dan zijn er nog wat voor de vogels minder essentiële verschillen, die voor de deelnemers wel belangrijk kunnen zijn.

5e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” wordt er van je verwacht dat je 35 tot 75 soorten vogels aan hun verenkleed en aan hun geluiden kunt herkennen en onderling van elkaar kunnen onderscheiden.
Voor “Zet de huismus op de kaart !” moet je de huismus man en de huismus vrouw kunnen onderscheiden van de ringmus, de heggenmus, de spaanse mus man en het vrouwtje Vink.

6e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” is een vogelherkenningscursus te volgen. Deze kost tussen de 30 en 40 euro. Het is aan te raden deze te volgen, tenzij je zelf al meer dan genoeg ervaring hebt in het herkennen van vogels, vogelgedrag en vogelzang.
Voor “Zet de Huismus op de kaart” is een, gratis te downloaden, huismusHerkenningsKaart gemaakt. Dat is 1 A4-tje met 6 afbeeldingen en trefwoorden om de verschillen extra te duiden.
Geluiden hoef je niet te kennen als je kunt zien, want het gaat om de plaats waar de huismussen zitten, en die moet je kunnen zien om te weten of er huismussen in zitten. Kun je niet zien dan zijn de geluiden wel nuttig om te kennen.
Neem in dat geval contact op met Stichting Witte Mus.

7e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” is de bedoeling dat je een route wandelt, langs 8 tot 12 telpunten, die ieder minimaal 200 m uit elkaar liggen. Op ieder punt tel je 5 minuten.
Voor “Zet de huismus op de kaart” observeer je je eigen erf gedurende 10 minuten. Niet tellen. Alleen kijken of je huismussen ziet op je erf, dakterras, balkon of in je bloempot.
In een later stadium gaan we beschrijvingen en foto’s van de verblijfplaatsen toe voegen voor degenen die daar interesse in hebben. Anderen kunnen dat direct al doen.

8e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” kent drie tellingen in voorjaar, drie in de zomer en drie in het najaar. Negen in totaal dus. De winter wordt niet mee genomen.
“Zet de huismus op de kaart” kent drie observatie rondes; 1x in april, 1x in augustus en 1x in december.
Door de december-observatie worden de winter-verblijfplaatsen bekend. Ook de plaatsen waar de juvenielen vermoedelijk in eerste instantie heen gaan wanneer ze “te veel” zijn geworden voor hun oorspronkelijke kolonie, worden mogelijk bekend (de augustus observatie). Tevens kan een indicatie worden verkregen of de “invasie” van juvenielen in het voorgaande najaar in nieuw biotoop blijvend is of niet.

9e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” begrenst de waarneming niet met een maximale waarneemafstand of telcirkel.
“Zet de huismus op de kaart !” begrenst de waarneming tot de eigen postcode + huisnummer.

10e verschil
De tellingen voor “Meetnet Urbane Soorten” zijn gedefinieerd door de 4 cijfers van een postcode-gebied. Daarvan zijn er ongeveer 4000 in Nederland.
De inventarisatie voor “Zet de huismus op de kaart !” bestrijkt de eigen postcode-van-6-posities en het eigen huisnummer. Daarvan zijn er ongeveer 7 miljoen in Nederland. Daardoor kunnen verblijfplaatsen gemiddeld 1750x nauwkeuriger worden aangewezen dan in het Meetnet. Voor bebouwd gebied zal dat rond de 300 vierkante meter zijn, of (veel) minder.

In het kort:
“Meetnet Urbane Soorten” is een open onderzoek naar trends in aantallen stadsvogels.
“Zet de huismus op de kaart” is een middel om de verblijfplaatsen van de huismus, dus ook de nesten en slaapplaatsen, te beschermen. En daarmee ook de huismus zelf.

Aanmelden voor “Zet de Huismus op de kaart !
Aanmelden voor “Meetnet Urbane Soorten”.

No comment »

Huismussen; Het Huismus biotoop op 10apr2012

Update van het project ter inventarisatie van verblijfplaatsen van huismussen:
“Zet de huismus op de kaart”

Het loopt aardig goed met de aanmeldingen !
We zitten al op 10% van het aantal deelnemers dat Meetnet Urbane Soorten (M.U.S.) van de SOVON kent.
😎

Wie nog zit te twijfelen;
Doe het nou maar. Geef je nou maar op.
Het is heel simpel mee doen, en je helpt er rechtstreeks de huismussen mee, omdat hun verblijfplaatsen bekend worden en daar, vanaf dat moment, niet meer onvoorzichtig mee om gesprongen kan worden.

Hier de thema-nieuwsbrief over de inventarisatie “Zet de huismus op de kaart”.

mvg
Liset

No comment »

Wereld huismussen Dag; 20 maart 2012

Wereld Mussen Dag, 20 maart 2012
Wereld Mussen Dag is een dag waarop de biodiversiteit extra aandacht krijgt.
De huismus is daar een belangrijk onderdeel van.
Vooral nu wereldwijd in steden verschillende soorten mussen in aantallen achteruit blijken te gaan is het belangrijk om er aandacht aan te besteden.
Over de hele wereld worden daarom activiteiten georganiseerd.
Stichting Witte Mus, de stichting ter bescherming van de huismus in Nederland, wil haar steentje bijdragen door de huismus in Nederland letterlijk op de kaart te gaan zetten. Door van af dit jaar te gaan inventariseren waar de huismussen zijn gebleven.

Alleen U weet of u huismussen in de buurt hebt !
Daarbij hebben we uw hulp nodig. Want u weet of ze in uw buurt leven of niet.
Wat u van uw huismussen weet, blijkt voor vele gemeenten in Nederland nog altijd niet duidelijk. Met als gevolg dat nog altijd hoge groenblijvende klimplanten verwijderd worden waar huismussen juist hun slaapplaats hadden. En dat er nog steeds struiken tot 20 cm terug gesnoeid worden terwijl dat een schuilplaats voor de mussen was. En soms gebeurd het zelfs nog dat daken gerenoveerd worden zonder dat er met de eronder levende huismussen rekening gehouden wordt.
Gewoon omdat er nergens te vinden was waar de mussen zaten.

Zet de huismus op de kaart van Nederland!
Zet de huismus op de kaart van Nederland!

“Zet de huismus op de kaart”
De huismus moet dus letterlijk op de kaart gezet worden, zodat gemeenten ook kunnen zien wat er goed voorbereid moet worden om te voorkomen dat huismussen van hun plek verdreven worden.
Stichting Witte Mus wil daarom vanaf dit jaar met uw hulp duidelijk zien te krijgen waar in Nederland de huismussen hun verblijfplaatsen hebben. Dat zijn dus hun verzamelplaatsen, hun slaapplaatsen, hun nesten, en overal waar huismussen graag verblijven.

Drie keer per jaar; april, augustus en december.
Daarvoor gaan we u vragen drie keer per jaar uw huismussen bij ons te melden.
De eerste keer wordt 15 april gehouden. Op een zondag om 10 uur. Meteen na Vroege Vogels Radio.

De bedoeling is dat u op die dag, 10 minuten lang, kijkt of er huismussen bij u zijn.
Aantallen hoeven we nog niet te weten. Alleen of ze er zijn, of dat ze er niet zijn.
U hoeft ook niet rond te lopen; gewoon wat er in uw eigen tuin, of op uw balkon, of voor het huis, of in de bloempot aanwezig is.
Dat geeft u aan ons door, samen met de locatie.
Wij verzamelen de gegevens en zetten het op de kaart. Letterlijk.

U kunt zich aanmelden om mee te doen.
Stuurt daarvoor een e-mail met de tekst “De huismus op de kaart” aan “info @ stichtingwittemus . nl”

Of u kunt direct op waarneming.nl uw huismussen melden.

Hopelijk hebben we dan snel helder waar onze huismussen gebleven zijn.

Stichting Witte Mus
http://www.stichtingwittemus.nl

Slechts 274 huismussen werden er geteld op 15 april 2011
Slechts 274 huismussen werden er in Nederland geteld op 15 april 2011

No comment »

Huismussen; Het Huismus biotoop op 09dec2011

09:00 uur

weersOmstandigheden:
temp min: 5 graden C (in de afgelopen 24 uur)
temp max: 11 graden C (in de afgelopen 24 uur)
luchtdruk: 747 cm Hg. (“regen en wind” => “veel regen”)
humiditeit: 50 %
wind: Stevig. Ik denk windkracht 5 of 6. Soms gaat de wind helemaal liggen, en soms steekt ie hard op.

Het is nu 7 graden Celsius. De lucht is dicht en dik bewolkt.
Guur eigenlijk wel.

– – –

Zieke huismussen
Gisteren via Jan Schoppers van SOVON stadsvogelProject een mail binnen over zieke huismussen. Daar zijn wat eerste tips heen. Ook over noodzaak tot en verzamelen van meer gegevens. Locatie en verschijnselen bijvoorbeeld.

De mussies hier
De mussies hier zijn wat mij betreft stapelgek.
Ze blijven maar in die koude, natte bamboe heen en weer springen, en komen maar niet naar de schittende, droge, schone, absoluut veilige speelplaats toe.
Zelfs het prachtige nieuwe bad kan hen niet over halen.

Wat kan ik nu nog doen .. grote levende bamboe’s rond de speelplaats zetten ? Dode stengels staan er namelijk al. Voor de dekking …
Ik zie dus iets over het hoofd. Dat is duidelijk. Anders waren ze al lang in de speelplaats bezig …
Kraakkraak .. grrrrrtgrrtt .. tiktiktiktiktik ..plok .. pling ..

Niks.
Wel krakende hersenen maar nog geen idee waar de denkfout zit ..
Misschien om te beginnen wat meer aandacht aan schenken, in plaats van door te willen galopperen (DE kwaal van het 2e millennium).

Gelukkig is het vrijdag. De dag om metselkuipen, die nog als bad dienst doen, te vervangen door verse baden. Kan ik even tussen de mussen bezig zijn, aan het werk.

– – –

On being there
Je raad het al zeker ?
Zodra ik me er vertoonde, en wel binnen 3 meter van de speelplaats, kwam de hele meute te voorschijn.
Grote keet. Plonzen in het water dat over de randen liep. Rommelen in het zand. Achter elkaar aan duiken. Zelfs een zogeheten “sociale balts” ontstond er.

Dus wat ontbrak er nou ?
Een MENS. Zo’n groot bewegend ding met ogen die af en toe heel kort naar je kijken en waar liedjes uit komen. “O sjonnie, sing un lietje foor main ahleen”. Zo groot bewegend liedjes ding waar de sperwer niet bij durft te komen.

Nou kijken hoe lang het duurt, nu ik er weg ben, voordat ze de voerSpeelPlaats op gaan.

No comment »