Huismussenblog; Het Huismus habitat op 17mei2015

Al weken lang is er jong grut in te tuin te horen, maar de afgelopen vier dagen ongeveer begint het ochtend tjielpOrkest wat harder te klinken.
Vandaag lukte het om ze op de foto en op video te zetten.
Dus hier een eerste portret van een jonge Huismus, bouwjaar 2015 😉

Eerste portret van een jonge Huismus van 2015.

No comment »

HuismussenBlog Huismussen op 14dec2012; Zet de Huismus op de Kaart ! Help mee als je kunt.

Zet de Huismus op de Kaart:
De derde ronde, aanstaande zondag, 16 december 2012 om 10 uur.

Geef je op als je er mee helpen kunt.

Over drie dagen, op zondag de 16e december, is de derde ronde van Zet de Huismus op de kaart.
Honderden mensen laten ons dan weten welke verblijfplaatsen de huismussen, op een speciaal moment van de dag, hebben. Dat is altijd van 10 uur tot 10:10 uur, ‘s morgens. Meteen na Vroege Vogels Radio.
Zelf doen we dat natuurlijk ook.
En we zouden het van jou en van u ook heel graag horen.

Wat willen we er mee bereiken ?
Er zijn nog altijd hele woonwijken in Nederland, waar “zomaar opeens” de populaties huismussen verdwijnen. Ondanks alle goede zorgen van bewoners. Dat komt vooral in wijken met huurwoningen voor.

En dat zit zo:
De goeden buiten beschouwing gelaten, is het eerder een gebruik dan een uitzondering dat woningcorporaties, bij het isoleren van daken, nesten van huismussen tegen komen en zich daar weinig van aantrekken. Zelfs al is het verboden om broedplaatsen, slaapplaatsen en nesten van huismussen te vernietigen of de toegang af te sluiten, dan nog gebeurd het.
Er zijn er die te goeder trouw zijn en echt niet weten dat ze schade aanrichten onder de locale huismusPopulatie. Maar er zijn ook woningbouwverenigingen die heel goed weten dat het niet klopt wat ze doen met de nesten en de huismussen die ze op het dak tegen komen. Die hebben dan al een rijtje smoezen klaar liggen, variërend van “onze voorman is een vogelliefhebber, u denkt toch niet dat die (..vul maar in..)” tot “we hebben nog geen antwoord gekregen op onze vraag of we een vergunning nodig hadden, maar we kunnen dit werk niet laten wachten”.

Mannetje Huismus op zoek naar zijn nest. Het is zojuist dicht gespoten met isolatieschuim. Zie de grijze bolletjes op de dakpannen.
Mannetje Huismus op zoek naar zijn nest. Het is zojuist dicht gespoten met isolatieschuim. Zie de grijze bolletjes op de dakpannen.

Weer een woonwijk zonder huismussen.
Het gevolg is dan dat er door het overhaast isoleren van de daken opeens geen plek meer voor de plaatselijke huismussen is om te broeden of overnachten. Vaak gebeurd het ook midden in het broedseizoen (een “spanningsveld” noemt men dat dan, alsof er een onoverkomelijk belangenconflict zou zijn) en raken eieren en jongen ingesloten en bederven of verhongeren, of worden ze met nest en al van het dak af gehaald en weg gewerkt.
De mussen die konden vliegen, de volwassen huismussen, vinden geen plek meer; het nest blijkt niet veilig te zijn, de jongen zijn dood, de eieren kunnen niet meer bebroed worden, dus de huismussen vertrekken naar een andere, veiligere, plaats.
Er is dan opnieuw een woonwijk “zomaar opeens” alle huismussen kwijt.

Stichting Witte Mus wil zien te voorkomen dat dit maar door blijft gaan zoals dat de afgelopen jaren gebeurd is.

In een paar weken tijd zijn de ge-arceerde daken in deze wijk na-geisoleerd zonder daarbij rekening te houden met de nesten van huismussen die zich daar bevonden; ze zijn van het dak af gegooid als ze ze vonden. De rest is afgesloten door het lijm-achtige isolatie-schuim.
In een paar weken tijd zijn de ge-arceerde daken in deze wijk na-geisoleerd zonder daarbij rekening te houden met de nesten van huismussen die zich daar bevonden; ze zijn van het dak af gegooid als ze ze vonden. De rest is afgesloten door het lijm-achtige isolatie-schuim.

Omdat er dus nog altijd veel woningcorporaties zijn die geen aandacht besteden aan de huismussen die in hun “woningvoorraad” leven, hebben we de hulp nodig van iedereen die plaatsen kent waar huismussen zijn.
Ook van jou en van u dus !

Die hulp bestaat er uit dat je aan ons door geeft dat er op een bepaalde
TIJD
DATUM en
PLAATS (postcode en huisnummer)
huismussen aanwezig zijn.

Dat kan digitaal aan ons doorgegeven worden.
Je kunt je daarvoor opgeven.
En wij zetten dat dan “op de kaart”: De kaart van Nederland.
De kaart waar bouwers, gemeenten en woningbouwverenigingen op kijken als ze een klus voorbereiden. Op die kaart zien ze dan waar zich huismussen bevinden. Op tijd. Zodat ze er rekening mee kunnen houden.
Zien ze het te laat, zien ze het pas als ze al bezig zijn, dan zijn de meeste bedrijven niet bereid hun werk daarvoor te stoppen. Of er een wet voor is gemaakt of niet.
Zo is nu eenmaal de praktijk.

We willen die situaties voor zijn. Zodat er geen woonwijken meer “zomaar opeens” hun huismussen kwijt zijn.

Help ons de Huismus op de kaart te zetten en geef u op.

= = =

Er zijn overigens de laatste maanden wel af en toe geluiden van
woningbouwverenigingen die het anders doen.
Huur je bijvoorbeeld een woning van l’escaut, dan kun je gerust zijn; zij gaan bijzonder integer om met hun plaatselijke huismussen. Zij hebben zelfs van de zomer renovatie-werkzaamheden opgeschort om de huismussen de kans te geven hun nesten af te maken, waarbij ze tijdens het wachten andere plekken voor de mussen aangelegd hebben; met speciale dakpannen op de aanwezige schuurtjes.

En nu al die andere woningcorporaties nog.

Nest van Huismus, gevonden op trottoir, van dak af gegooid door dakwerkers die namens de woningcorporatie na-isoleren.
Nest van Huismus, gevonden op trottoir, van dak af gegooid door dakwerkers die namens de woningcorporatie na-isoleren.

No comment »

HuismussenBlog Huismussen; Het Huismus biotoop op 07dec2012

Zet de Huismus op de Kaart:
De derde ronde op 16 december 2012 om 10 uur.

Zondag de 16e december is alweer de derde ronde van Zet de Huismus op de kaart.
Honderden mensen laten ons dan weten welke verblijfplaatsen de huismussen, op een speciaal moment van de dag, hebben. Dat is altijd van 10 uur tot 10:10 uur, ‘s morgens. Meteen na Vroege Vogels Radio.
Zelf doen we dat natuurlijk ook.
En we zouden het van jou en van u ook heel graag horen.

Waarom doen we dat ?
Er zijn nog altijd hele woonwijken in Nederland, waar “zomaar opeens” de populatie huismussen verdwijnt. Ondanks alle goede zorgen van bewoners. Dat komt vooral in wijken met huurwoningen voor.

En dat zit zo:
De goeden buiten beschouwing gelaten, is het eerder een gebruik dan een uitzondering dat woningbouwcorporaties, bij het isoleren van daken, nesten van huismussen tegen komen en zich daar weinig van aantrekken. Zelfs al is het verboden om broedplaatsen, slaapplaatsen en nesten van huismussen te vernietigen of de toegang af te sluiten, dan nog gebeurd het.
Er zijn er die te goeder trouw zijn en echt niet weten dat ze de locale huismusPopulatie daar schade mee doen. Maar er zijn ook woningbouwverenigingen die heel goed weten dat er niets klopt van wat ze doen met de nesten en de huismussen die ze op het dak tegen komen. Die hebben dan al een rijtje smoezen klaar liggen, variërend van “onze voorman is een vogelliefhebber, u denkt toch niet dat die (..vul maar in..)” tot “we hebben nog geen antwoord gekregen op onze vraag of we een vergunning nodig hadden, maar we kunnen dit werk niet laten wachten”.

Mannetje Huismus op zoek naar zijn nest. Het is zojuist dicht gespoten met isolatieschuim. Zie de grijze bolletjes op de dakpannen.
Mannetje Huismus op zoek naar zijn nest. Het is zojuist dicht gespoten met isolatieschuim. Zie de grijze bolletjes op de dakpannen.

Weer een woonwijk zonder huismussen.
Het gevolg is dan dat er door het overhaast isoleren van de daken opeens geen plek meer voor de plaatselijke huismussen is om te broeden of overnachten. Vaak gebeurd het ook midden in het broedseizoen ( een “spanningsveld” noemt men dat dan) en raken eieren en jongen ingesloten en bederven of verhongeren, of worden ze met nest en al van het dak af gehaald en weg gewerkt.
De mussen die konden vliegen, de volwassen huismussen, vinden geen plek meer; het nest blijkt niet veilig te zijn, de jongen zijn dood, de eieren kunnen niet meer bebroed worden, dus de huismussen vertrekken naar een andere, veiligere, plaats.
Er is dan opnieuw een woonwijk “zomaar opeens” alle huismussen kwijt.

In een paar weken tijd zijn de ge-arceerde daken in deze wijk na-geisoleerd zonder daarbij rekening te houden met de nesten van huismussen die zich daar bevonden; ze zijn van het dak af gegooid als ze ze vonden. De rest is afgesloten door het lijm-achtige isolatie-schuim.
In een paar weken tijd zijn de ge-arceerde daken in deze wijk na-geisoleerd zonder daarbij rekening te houden met de nesten van huismussen die zich daar bevonden; ze zijn van het dak af gegooid als ze ze vonden. De rest is afgesloten door het lijm-achtige isolatie-schuim.

Omdat er dus nog altijd veel woningcorporaties zijn die het allemaal maar overdreven lijken te vinden om er aandacht aan te besteden of er wel of geen huismussen in hun “woningvoorraad” leven, hebben we de hulp nodig van iedereen die plaatsen kent waar huismussen zijn.
Ook van jou en van u dus !

Die hulp bestaat er uit dat je aan ons door geeft dat er op een bepaalde
TIJD
DATUM en
PLAATS (postcode en huisnummer)
huismussen aanwezig zijn.

Dat kan digitaal aan ons door gegeven worden.
Je kunt je daarvoor opgeven.
En wij zetten dat dan “op de kaart”: De kaart van Nederland.
De kaart waar bouwers, gemeenten en woningbouwverenigingen op kijken als ze een klus voorbereiden. Op die kaart zien ze dan waar zich huismussen bevinden. Op tijd. Zodat ze er rekening mee kunnen houden.
Zien ze het te laat, zien ze het pas als ze al bezig zijn, dan zijn de meeste bedrijven niet bereid hun werk daarvoor te stoppen. Of er een wet voor is gemaakt of niet.
Zo is nu eenmaal de praktijk.

We willen die situaties voor zijn. Zodat er geen woonwijken meer “zomaar opeens” hun huismussen kwijt zijn.

Help ons de Huismus op de kaart te zetten en geef u op.

= = =

Er zijn overigens de laatste maanden wel af en toe geluiden van
woningbouwverenigingen die het anders doen.
Huur je bijvoorbeeld een woning van l’escaut, dan kun je gerust zijn; zij gaan bijzonder integer om met hun plaatselijke huismussen. Zij hebben zelfs van de zomer renovatie-werkzaamheden opgeschort om de huismussen de kans te geven hun nesten af te maken, waarbij ze tijdens het wachten andere plekken voor de mussen aangelegd hebben; met speciale dakpannen op de aanwezige schuurtjes.

En nu al die andere woningcorporaties nog.

Nest van Huismus, gevonden op trottoir, van dak af gegooid door dakwerkers die namens de woningcorporatie na-isoleren.
Nest van Huismus, gevonden op trottoir, van dak af gegooid door dakwerkers die namens de woningcorporatie na-isoleren.

No comment »

Huismussen; Het Huismus biotoop op 28jul2012; meld je aan voor Zet de Huismus op de Kaart !

OPROEP
GEEF JE OP & MELD JE AAN
ALS JE DAT NOG NIET AL HAD GEDAAN
VOOR:

ZET DE HUISMUS OP DE KAART
Datum: zondag 19 augustus 2012
Begintijd: 10:00
Eindtijd: 10:10

Locatie: het eigen woonerf
Prijs: Gratis
Organisator: Stichting Witte Mus, huismusbescherming
E-Mail: zetDeHuismusOpDeKaart@stichtingWitteMus.nl

Website: http://www.stichtingwittemus.nl

Wat is het ?
‘Zet de huismus op de kaart’ is een inventarisatie van alle locaties in Nederland waar huismussen een verblijfplaats hebben. Dat doen we 3x per jaar en wel op een specifieke datum en tijd. De komende ronde is op zondag 19 augustus om 10 uur ‘s morgens, net na Vroege Vogels.
Het is geen M.U.S. telling, geen poging aantals-ontwikkelingen van stadsvogels in het algemeen in de gaten te houden.
Het is daarentegen wel een registratie van verblijfplaatsen van huismussen.
En het is bedoeld om deze voor de huismus noodzakelijke plaatsen, plus de omgeving in een straal van ongeveer 600m, rechtstreeks te beschermen. Te weten bij plannen als dakrenovaties, aanbrengen van zonnepanelen, herinrichten van groen, verwijderen van hagen, sloop van panden en dergelijke.

Werkt dat dan ?
Ja. Het werkt. Uit de 1e ronde van de inventarisatie “Zet de Huismus op de Kaart” zijn deze zomer al bijna 700 daken tevoorschijn gekomen die we hebben kunnen behouden voor de huismus, door met name woningbouwverenigingen vriendelijk aan de Flora en Fauna wet te helpen herinneren. Plus het één en ander aan groen.

Wat zoeken we ?
Stichting Witte Mus wil met jouw hulp de verblijfplaatsen van huismussen in kaart brengen. Dat hoeven niet alleen daken te zijn. Het kan ook een hoge groenblijvende struik zijn, een dakgoot, een rolluik, een conifeer, een stapel betonijzeren hekken, het zand op een terras, het onkruid rond een tuinbank, een veld, een bloempot, een hooiberg, een picknicktafel, een ondiepe plek bij de vijver, het kan van alles zijn als er op dat moment maar huismussen zitten. Zitten ze er nu net op dat moment niet, dan geef je dat door. Zaten ze in jouw tuin, balkon of dakterras nooit, dan kun je ook dat door geven.

Hoe kun je helpen ?
Als je mee wilt helpen, meld je dan via bovenstaand e-mail adres aan.
Heb je je de vorige ronde al aan gemeld, dan wordt aangenomen dat je deze ronde ook mee doet, dus je krijgt nog mail er over.
Het is vervolgens de bedoeling om, op een specifieke datum en tijd, op je eigen woonerf 10 minuten lang te kijken of er “wel’ of “niet” huismussen zijn.
– Deze keer is dat 19 augustus, van 10:00 uur tot 10:10 uur. –
Dit super-simpele “ja” of “nee” geef je via ons meldingsformulier, dat je per e-mail van ons gekregen hebt, aan ons door. Samen met postcode en huisnummer.
Doe er tenslotte een foto bij van de situatie op die locatie, op het aangegeven moment.

We werken er hard aan om ditzelfde via een webinterface mogelijk te maken. Daar krijg je als deelneemster of deelnemer bericht van zodra dat rond is.

Heel hard nodig dat dit gaat gebeuren
Zo eenvoudig als het is, toch is het hard nodig, want de database van huismus-verblijfplaatsen is gebrekkig gevuld. Nog altijd worden bij werkzaamheden verblijfplaatsen van huismussen afgesloten en vernietigd. Zelfs midden in het broedseizoen. Dat is voor een groot deel gewoon omdat de gegevens niet in de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) terug zijn te vinden.

Doe dus mee en zet de huismussen van je woonerf op 19 augustus op de kaart.

Voor meer informatie:
www.stichtingwittemus.nl

Overige data: – zondag 16 december – zondag 21 april (2013) – zondag 18 augustus (2013)

No comment »

Huismussen; Het Huismus biotoop op 13apr2012; Zet de Huismus op de kaart !

Update van inventarisatie van huismussen
“Zet de huismus op de kaart !”

We zijn in twee weken tijd al aan de 60 deelnemers.
Dat is al 10% van het aantal deelnemers dat het project “Meetnet Urbane Soorten” kent, dat al het 6e jaar in gaat ! Dat gaat onverwacht hard dus ! En dat is heel goed. Voor de huismussen en hun nesten, hun slaapplaatsen, hun schuilplaatsen, de locaties waar ze foerageren, en zo verder. Want als die bekend zijn, dan kunnen ze ook beschermd worden.

Natuurlijk zijn er vragen naar aanleiding van de opzet van de inventarisatie “Zet de huismus op de kaart” geweest. Vragen die gesteld zijn volgen hier onder.

= = = = =

1. Er is toch al een project M.U.S. van de SOVON,
waarom dan nog een “Zet de huismus op de kaart !” van Stichting Witte Mus ?

Antwoord:
In het kort.
“Meetnet Urbane Soorten” is een open onderzoek naar aantalsontwikkelingen van stadsvogels, met als doel het verkrijgen van een beeld van dit aantalsverloop. De resultaten ervan kunnen op verschillende manieren gebruikt worden.

Stichting Witte Mus gaat er van uit dat een notering van de Huismus op de Rode Lijst van beschermde Vogels het ultieme signaal is om aandacht voor de problemen van deze diersoort te vragen. Vanaf dat moment dient er zo gericht mogelijk gehandeld te worden om de soort te beschermen. Wetgeving, gedragscodes, soortenstandaard, mitigerende maatregelen; alles is al aanwezig. Er lijkt alleen nog een gat te zitten in de gegevens over verblijfplaatsen van huismussen.
Nest- en verblijfplaatsen zijn bij de wet wel beschermd, maar in praktijk blijken er nog regelmatig verblijfplaatsen van huismussen over het hoofd te worden gezien bij werkzaamheden, waardoor er nog altijd delen van biotopen voor huismussen verloren gaan, zonder enige compensatie.

“Zet de huismus op de kaart” is daarom een middel om de verblijfplaatsen van de huismus, dus ook de nesten en slaapplaatsen, te beschermen. En daarmee ook de huismus zelf.

Aanmelden voor “Zet de Huismus op de kaart !
Aanmelden voor “Meetnet Urbane Soorten”.

De gedetailleerde uitleg:
Het project MUS van de SOVON heeft wel een naam die doet vermoeden dat de huismus er de hoofdrol in heeft, maar MUS staat voor “Meetnet Urbane Soorten” en omvat 60 tot 120 soorten vogels, waaronder de huismus.
“Zet de huismus op de kaart” betreft uitsluitend de huismus.

2e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” werkt met telpunten waarbij de tellers niet de eigenaren van de terreinen zijn.
“Zet de huismus” op de kaart vraagt de eigenaren op het eigen erf te kijken, de plek waar juist de huismussen meestal hun verblijfplaatsen hebben.

3e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” telt de vogels en beoordeelt achteraf het biotoop, indien gewenst. Dat gebeurd aan de hand van digitale foto’s vanuit de ruimte. Deze zijn soms jaren oud, en beplanting is vaak niet herkenbaar. Voor “Meetnet Urbane Soorten” is dat geen probleem; het gaat om de aantallen vogels, niet om verblijfplaatsen.
“Zet de huismus op de kaart” inventariseert de verblijfplaatsen. Mettertijd is de bedoeling om tevens de kwaliteit ervan aan de hand van actuele beschrijvingen en foto’s van de deelnemers zelf te beoordelen.
Een verblijfplaats is een onderdeel van het biotoop. Een tuin of balkon kan 1 of meerdere verblijfplaatsen voor huismussen omvatten.
Het gaat bij “Zet de huismus op de kaart !” in hoofdzaak om de verblijfplaatsen. Omdat het de verblijfplaatsen zijn die beschermd moeten worden wil de huismus een kans hebben.

4e verschil
Het doel van “Meetnet Urbane Soorten” is het om een beeld te krijgen van de aantalsverlopen van de diverse soorten.
Het doel van “Zet de huismus op de kaart” is het om de verblijfplaatsen van de huismus te beschermen. Dit zijn de plaatsen die huismussen nodig hebben om te kunnen overleven. (Nesten, schuilplaatsen, veilige slaapplaatsen, etc.)
Die bescherming realiseren we door de huismus-verblijfplaatsen geregistreerd te krijgen zodat ze bij werkzaamheden niet meer per ongeluk vernietigd kunnen worden. De gegevens worden namelijk opgeslagen in de NDFF, waar werkvoorbereiders hun informatie vandaan krijgen wanneer zijn willen weten of de plek waar gewerkt moet worden, vrij is van verblijfplaatsen of niet. Als het niet zo is, en ze weten het op tijd, dan kunnen ze er hun maatregelen voor nemen.

En dan zijn er nog wat voor de vogels minder essentiële verschillen, die voor de deelnemers wel belangrijk kunnen zijn.

5e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” wordt er van je verwacht dat je 35 tot 75 soorten vogels aan hun verenkleed en aan hun geluiden kunt herkennen en onderling van elkaar kunnen onderscheiden.
Voor “Zet de huismus op de kaart !” moet je de huismus man en de huismus vrouw kunnen onderscheiden van de ringmus, de heggenmus, de spaanse mus man en het vrouwtje Vink.

6e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” is een vogelherkenningscursus te volgen. Deze kost tussen de 30 en 40 euro. Het is aan te raden deze te volgen, tenzij je zelf al meer dan genoeg ervaring hebt in het herkennen van vogels, vogelgedrag en vogelzang.
Voor “Zet de Huismus op de kaart” is een, gratis te downloaden, huismusHerkenningsKaart gemaakt. Dat is 1 A4-tje met 6 afbeeldingen en trefwoorden om de verschillen extra te duiden.
Geluiden hoef je niet te kennen als je kunt zien, want het gaat om de plaats waar de huismussen zitten, en die moet je kunnen zien om te weten of er huismussen in zitten. Kun je niet zien dan zijn de geluiden wel nuttig om te kennen.
Neem in dat geval contact op met Stichting Witte Mus.

7e verschil
Voor “Meetnet Urbane Soorten” is de bedoeling dat je een route wandelt, langs 8 tot 12 telpunten, die ieder minimaal 200 m uit elkaar liggen. Op ieder punt tel je 5 minuten.
Voor “Zet de huismus op de kaart” observeer je je eigen erf gedurende 10 minuten. Niet tellen. Alleen kijken of je huismussen ziet op je erf, dakterras, balkon of in je bloempot.
In een later stadium gaan we beschrijvingen en foto’s van de verblijfplaatsen toe voegen voor degenen die daar interesse in hebben. Anderen kunnen dat direct al doen.

8e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” kent drie tellingen in voorjaar, drie in de zomer en drie in het najaar. Negen in totaal dus. De winter wordt niet mee genomen.
“Zet de huismus op de kaart” kent drie observatie rondes; 1x in april, 1x in augustus en 1x in december.
Door de december-observatie worden de winter-verblijfplaatsen bekend. Ook de plaatsen waar de juvenielen vermoedelijk in eerste instantie heen gaan wanneer ze “te veel” zijn geworden voor hun oorspronkelijke kolonie, worden mogelijk bekend (de augustus observatie). Tevens kan een indicatie worden verkregen of de “invasie” van juvenielen in het voorgaande najaar in nieuw biotoop blijvend is of niet.

9e verschil
“Meetnet Urbane Soorten” begrenst de waarneming niet met een maximale waarneemafstand of telcirkel.
“Zet de huismus op de kaart !” begrenst de waarneming tot de eigen postcode + huisnummer.

10e verschil
De tellingen voor “Meetnet Urbane Soorten” zijn gedefinieerd door de 4 cijfers van een postcode-gebied. Daarvan zijn er ongeveer 4000 in Nederland.
De inventarisatie voor “Zet de huismus op de kaart !” bestrijkt de eigen postcode-van-6-posities en het eigen huisnummer. Daarvan zijn er ongeveer 7 miljoen in Nederland. Daardoor kunnen verblijfplaatsen gemiddeld 1750x nauwkeuriger worden aangewezen dan in het Meetnet. Voor bebouwd gebied zal dat rond de 300 vierkante meter zijn, of (veel) minder.

In het kort:
“Meetnet Urbane Soorten” is een open onderzoek naar trends in aantallen stadsvogels.
“Zet de huismus op de kaart” is een middel om de verblijfplaatsen van de huismus, dus ook de nesten en slaapplaatsen, te beschermen. En daarmee ook de huismus zelf.

Aanmelden voor “Zet de Huismus op de kaart !
Aanmelden voor “Meetnet Urbane Soorten”.

No comment »